OPINIE | Als we enkel een ideaalbeeld van onze gemeenschap willen tonen, sluiten we zelf heel veel mensen uit

09/08/2018 - 09:35
opinie
Stripmuur met karikaturen van de LGBT+ community
Bruno De Lille
In Brussel werd de Regenboogstripmuur van Ralf König beklad. Een holebifobe aanval van mensen die vinden dat zo’n schildering niet in de hoofdstad thuishoort? Het is iets ingewikkelder want de aanval lijkt uit de LGBT-beweging zelf te komen. Op de stripmuur werden namelijk de woorden “Transphobia” en “Racism” geschilderd. Sommige mensen vinden blijkbaar dat het fresco, dat door RainbowHouse Brussels zelf werd besteld, onze LGBT-gemeenschap in een slecht daglicht stelt. 

Op de stripmuur zie je mensen die een reuzengrote regenboogvlag dragen. Er zijn kussende vrouwen, kussende mannen, een trans* persoon, enkele gespierde mannen, een paar schrielere mannen, een vrouw met de vuist omhoog, een geschokt nonnetje (en een konijn). Sommigen zijn blank, anderen koffie met melk of donkerder bruin. Een gevarieerd beeld van een diverse gemeenschap die zich allemaal samen achter de regenboogvlag scharen. Dat was de bedoeling van de kunstenaar en RainbowHouse Brussels als ik me de speeches bij de onthulling van de muur goed herinner.

Clichés

Waarom dan de beschuldiging van racisme en transfobie? Wel, de bruine vrouw op de muurschildering heeft dikke rode lippen en de trans* vrouw ziet er niet bepaald uit als de ideale schoondochter. Je zou dus kunnen stellen dat de tekening clichés uitvergroot. Maar is het daarom racisme en transfobie? 

Ik denk het niet. Zeker niet doelbewust. De tekening wil duidelijk de diversiteit van de LGBT-gemeenschap uitstralen. Racistische of transfobe afbeeldingen zouden die boodschap ondergraven dus het zou totaal onlogisch zijn mochten de kunstenaar of RainbowHouse Brussels zoiets doen.

Karikaturen

Nu zou het ook - en dat is geen reden om het te minimaliseren - onbewust kunnen zijn. Is dat hier het geval? Opnieuw, ik denk het niet. Wie Ralf König een beetje kent, weet dat de man mensen nooit van hun meest flatterende kant afbeeldt. Zijn figuren zijn karikaturen. Al zijn figuren. Hij viseert iedereen. Als homoman herken ik me ook niet in zijn dommige fitness-nichten of schriele leermannen. En ik heb verschillende lesbische vriendinnen die helemaal niet de butch-types zijn die hij afbeeldt.

De kwestie van de lippen van de donkere vrouw doet denken aan de discussie rond het album van Suske en Wiske waar Dalila Hermans terecht tegen opkwam. Alleen was die figuur de enige die karikaturaal werd afgebeeld en is dat hier niet het geval. Bovendien heeft ook de trans* vrouw op de stripmuur dezelfde dikke rode lippen en heeft de donkerbruine man die verder afgebeeld staat, die niet. Als je geen intentieproces van een kunstenaar wil maken, dan kan je het verschil net zo goed zoeken in het al dan niet gestift zijn van de lippen van deze vrouwen. 

Humor

Natuurlijk kan je je gekwetst voelen door zo’n afbeelding. Je hoeft de tekening ook helemaal niet grappig te vinden. Maar dat maakt ze daarom nog niet racistisch of transfoob. Als we als LGBT-gemeenschap deze woorden te snel gebruiken, hollen we ze uit zodat ze hun kracht verliezen. Er zijn helaas nog altijd meer dan genoeg gevallen waarbij het echt nodig is.

Bovendien: als wij enkel nog een ideaalbeeld van onze gemeenschap willen tonen dan sluiten we zelf heel veel mensen uit. Al wie niet beantwoordt aan het perfecte prentje van de brave, mooie, intelligente en seksloze homo, lesbienne, bi- of transpersoon mag het dan vergeten? Alleen bestaan die mensen niet echt. Je kunt geen respect verdienen of gelijke kansen eisen als je zelf het onderscheid maakt tussen wie de goede en wie de slechte zijn. 

En laten we alsjeblieft ons gevoel voor humor niet verliezen. Ironie, karikaturen en satire zijn zeer nuttige manieren om mistoestanden aan te klagen, om te tonen dat de wereld en de maatschappij niet eenduidig zijn. Als we ons daartegen afzetten, dreigen we even intolerant te worden als degenen die we willen bevechten. Daar pas ik voor.

Bruno De Lille
Fractievoorzitter Groen
Brussels Hoofdstedelijk Parlement

Bron: 

Eigen verslaggeving